logo
Listen Language Learn
thumb

Echt Gebeurd - Afl. 292 Onbeschreven blad: Sander Donkers

-
+
15
30

Sander Donkers ontdekt dat een van zijn Amerikaanse soulhelden gewoon in Ruurlo woont.

Zie het privacybeleid op https://art19.com/privacy en de privacyverklaring van Californië op https://art19.com/privacy#do-not-sell-my-info.

Welkom
bij
aflevering
292
van.
Echt
Gebeurd.
De
podcast
waarin
waargebeurde
verhalen
worden
verteld
door
de
mensen
die
ze
zelf
hebben
beleefd
in
deze
aflevering.
Een
verhaal
dat
Sander
Donkers
zeven
jaar
geleden
vertelde
in
Felix
Meritis
in
Amsterdam.
Tijdens
een
speciale,
echt
gebeurd
avond
met
het
thema
onbeschreven
blad.
Dit
is
een
verhaal
over
spijt,
maar
terecht
kan
komen
moet
ik
eerst
iets
vertellen
over
religie
en
wat
dat
liedje
voor
mij
betekent.
Als
ik
iets
had
mogen
kiezen
in
dit
leven,
dan
was
het
een
geweldige
stem
geweest.
Zo'n
diepe
zwarte
heise.
Echte
soulstem.
Een
stem
waarmee
je
mensen
aan
het
dansen
kan
krijgen
om
van
te
huilen
of
geil
kan
maken.
Alleen
maar
omdat
je
gewoon
je
mond
opentrekt.
Dat
lijkt
me
altijd
fantastisch,
maar
het
is
iets
wat
je
jezelf
niet
aan
kunt
leren.
Het
helpt
misschien
als
je
oefent,
liefst
in
een
kerkkoor.
Maar
uiteindelijk
is
het
een
gift.
En
een
gif,
dat
lijkt
me
ook
wel
wat
voor
mij,
want
dan
hoeft
ik
tenminste
niet
zo
hard
voor
te
werken
en
dan
krijg
ik
toch
heel
veel
geld
en
zou
iedereen
ontzettend
veel
van
me
houden.
Dus
echt
serieus,
ben
nu
46.
Maar
als
je
het
me
nu
zou
vragen
of
ik
m'n
linkerbeen
zou
willen
ruilen
voor
zo'n
alles
overrompelende
stem,
dan
zou
ik
het
serieus
even
overwegen
en
daarna
waarschijnlijk
verwerpen.
Want
een
linkerbeen.
Dat
is
ook
niet
mis
natuurlijk.
Toen
ik
twintig
jaar
geleden
in
de
journalistiek
terechtkwam
na
een
wat
moeizame
carrière
als
popmuzikant.
Had
ik
meteen
een
soort
geheime
agenda
om
zoveel
mogelijk
van
dat
soort
zangers
en
zangeressen
te
ontmoeten
om
ze
te
interviewen
natuurlijk,
maar
eigenlijk
stiekem
vooral
om
gewoon
een
beetje
tegen
ze
aan
te
kunnen
schurken.
En
als
ik
het
heb
over
dat
soort
zangers
voor
mij
specifiek
gaat
het
dan
om
zwarte
zangers
uit
de
jaren
zestig
en
dan
ook
nog
uit
het
zuiden
van
Amerika.
Dus
meer
Stax,
het
land,
ik
chelles
en
niet.
Wat
een
beetje
specifiek.
Het
is
eigenlijk
vrij
aardig
gelukt.
Ik
heb
Solomon
Burke
ontmoet
Al
Green
urma
mij
veestapels.
Betty
Levet,
Wilson
Pickett,
en
nog
een
aantal
die
ik
nu
vergeten.
Sommige
van
die
mensen
waren
fantastische
warme
persoonlijkheden,
anderen
zoals
Wilson.
Whizzkid
Pickett
waren
eigenlijk
ontzettende
eikels,
maar
daar
ging
het
niet
om.
Het
ging
om
die
kafjes
op
de
kolf
van
mijn
pistool
het
binnenhalen
van
zoveel
mogelijk
contact
met
mensen
die
ik
bewonderde.
In
de
herfst
van
2001
hoorde
ik
dat
Arthur
Conley,
iemand
die
ook
op
dat
denkbeeldige
lijstje
stond,
in
Nederland
woonde.
Of
oplages
in
het
dorpje
Ruurlo
in
de
Achterhoek.
Misschien
dat
voor
een
aantal
van
jullie
de
naam
Condi
niet
echt
meteen
een
belletje
doet
rinkelen.
Maar
ik
weet
vrij
zeker
dat
het
liedje
waarmee
hij
in
1966
wereldberoemd
werd
dat
wel
doet.
En
aangezien
het
me
niet
toegestaan
is
om
een
cassetterecorder
te
gebruiken
bij
deze,
zal
ik
het
helaas
moeten
zingen.
Reeds
muziek.
Het
gaat
om
ongeveer
zo
beginnen
met
blazers.
Na
de
tête
à
tête.
Tin,
tin,
tin
tin
tin
tin.
Do
you
like?
music.
Je.
Zo
emusic
je
je
lang
en
zet
je
dingen
in
je
en
je
o
je
ogen.
Hoe
je
een
aanvaller
die
blaast
over
je
heen
en
het
voortaan
als.
Ja,
schrijf
me
in!
Euh,
euh,
ik
achterhaalden
telefoonnummer.
Ik
belde
hem
op
en
ik
had
binnen
een
seconde
door
dat
Koningin
totaal
ander
type
was
als
al
die
andere
soulzangeres
die
ik
daarvoor
had
ontmoet.
Dat
waren
Matthias
Sterre,
Large
en
achtige
types.
En
Arthur
was
lief,
breekbaar,
zacht
en
een
beetje
een
rare.
Want
ik
moest
bijvoorbeeld
onze
eerste
afspraak
afzeggen
omdat
ik
ziek
was.
En
dat
was
een
beetje
lullig,
want
het
was
op
de
dag
zelf
dus
veel
te
laat.
En
zo.
Maar
hij
zei
Uh
oh
baby.
Dat
was.
We
zitten
toch
al
samen
op
dat
pad
en
we
gaan
al
ergens
heen
en
geeft
helemaal
niet,
zo
zei
hij.
meteen
in
op
een
soort
spiritueel
verbond.
Iets
dat
in
de
sterren
stond
geschreven
tussen
ons
en
ik
dacht
euh.
Mooi
voor
het
verhaal.
En
het
werd
nog
veel
mooier
toen
ik
uiteindelijk
wel
bij
hem
terechtkwam.
Arthur
Conley,
die
zich
inmiddels
Lee
Roberts
noemde,
woonde
aan
de
Groenlose
Weg
in
Ruurlo.
Samen
met
een
tapijt
knopen
die
Jos
en
werd
moeder
van
Jos.
Maar
die
heb
ik
allebei
niet
ontmoet,
dus
ik
kan
dat
niet
echt
bewijzen.
Hij
had
een
zolderkamertje
dat
volkomen
afgeladen
was
met
spirituele
parafernalia,
met
tarotkaarten
en
boeken
over
astrologie
en
numerologie
en
steentjes
die
allemaal
een
speciale
betekenis
had.
Hij
had
twee
die
de
hele
dag
onophoudelijk
kwetteren
heetten
Singer
en
Singer.
En
als
je
uit
het
raam
keek,
dan
stond
daar
de
hele
dag
in
de
stromende
regen
een
onbeweeglijke.
Daar
had
Arthur
Conley
verder
niets
mee
te
maken,
maar
dat
vond
ik
gewoon
een
heel
erg
mooi
detail.
Voordat
we
aan
het
gesprek
begonnen,
wilde
hij
een
soort
ritueel
met
mij
uitvoeren.
Hij
haalde
een
ring
uit
een
potje
en
schoof
die
soort
plechtig
aan
mijn
vinger,
haalde
hem
daarna
weer
af
en
liet
mij
beloven
dat
als
ik
weer
terug
zou
zijn
in
Amsterdam,
dat
ik
hem
dan
van
mijzelf
een
ring
naar
hem
op
zou
sturen.
En
dan
zouden
we,
zei
hij,
voor
eeuwig
en
met
elkaar
verbonden
zijn
als
en
als
een
soort
beschermer
engelen
voor
elkaar
zorgen.
In
deze
nare
boze
wereld.
En
ik
dacht
mooi
voor
het
verhaal,
maar
schiet
ook
een
beetje
op,
want
ik
moet
ook
nog
met
tekst
naar
huis.
is
het
kerstverhaal.
Vierduizend
woorden.
Dat
kwam
overigens
helemaal
goed.
Lee
Roberts
was
een
goudmijn
voor
een
muziekjournalist.
Hij
vertelde
zonder
enige
en
eigenlijk
ook
zonder
dat
ik
enige
vragen
hoefde
te
stellen.
De
meest
prachtige
anekdotes
waarin
al
mijn
helden
figureerde.
Uhm.
Hij
vertelde
hoe
die
als
kind
nou
ja,
en
waar
ook
hele
tragische
verhalen.
Trouwens
hoe
hij
als
kind
was
weggehaald
door
zijn
oma
bij
zijn
moeder,
tegen
zijn
zin.
Hoe
die
oma
hem
op
jonge
leeftijd
in
een
kerkkoor
had
geduwd
en
hoe
je
je
dan,
als
ie
gezongen
had
over
zijn
bolletje
genaaid
werd
door
allerlei
kerkgangers
die
hij
helemaal
niet
kende,
terwijl
ie
permanent
naar
de
punten
van
zijn
schoenen
stond
te
staren.
Hij
vertelde
hoe
die
Sam
Koeck
zijn
grote
idool
had
ontmoet.
Of
eigenlijk
overvallen.
Want
die
man
stond
met
zijn
rug
naar
me
toe
in
een
kleedkamer
en
hij
rende
erop
af
en
omarmde
en
nam
opeens
van
achteren,
terwijl
je
hem
nog
nooit
ontmoet
had.
Hij
vertelde
hoe
die
door
auto's
Rading
was
ontdekt,
met
wie
die
uiteindelijk
dus
dat
liedje
zoiets
soulmuziek
had
geschreven.
En
hoe
dat
liet
pardoes
de
allergrootste
hit
werd
die
de
zuidelijke
tot
dan
toe
en
misschien
wel
ooit
had
gekend.
En
dat
was
eigenlijk
uiteindelijk
meer
een
vloek
dan
een
zegen,
zei
hij.
Want.
Al
zijn
collega's
haten
hem
erom,
want
ze
waren
zo
jaloers
en
hij
moest
dus
de
jaren
daarna
permanent
op
tournee
met
allemaal
mannen
die
hem
voortdurend
treiteren
en
sarren.
Maar
was
Don,
Covee,
Sam
en
Dave
en
diezelfde
Wilson
Pickett
die
volgens
mij
de
van
allemaal
is
ook
mannen
die
totaal
niks
snapte
van
zo'n
ontzettend
zachte
vrouwelijke
man
als
Arthur
kon
leren.
Het
ging
allemaal
nog
wel
redelijk
goed
zolang
redding
en
beschermd.
Maar
toen
die
in
1967
dood
ging
bij
een
vliegtuigongeluk
en
kon
zich
tijdens
de
begrafenis
hysterisch
snikkend
op
de
kist
had
geworpen,
werd
het
treiteren
en
sarren
alleen
nog
maar
erger.
En
op
een
gegeven
dag
platencontract
of
niet
pakte
hij
het
vliegtuig
naar
Europa.
Eerst
naar
Engeland,
daarna
naar
België
en
Nederland.
Hij
is
nooit
meer
terug
geweest
in
Amerika.
Hij
nam
een
andere
naam
aan
en
hij
voelde
zich
voor
het
eerst
van
zijn
leven
helemaal
vrij.
Dat
vertellen
die
allemaal.
En
toen
ik
vijf,
zes
uur
later
uitgeput
in
de
auto
stapte,
terug
terrein
naar
Amsterdam,
beloofde
ik
hem
nogmaals
dat
ik
die
ring
op
zou
sturen.
En
ik
schreef
dat
ook
op
als
laatste
zin
in
het
verhaal
dat
ik
in
de
dagen
daarna
over
hem
schreef.
Met
als
gedachten
in
mijn
achterhoofd
tussen
het
inleveren
van
het
verhaal
en
het
moment
dat
het
in
de
winkel
ligt,
is
er
nog
genoeg
tijd
om
dat
alsnog
te
doen.
Maar
ik
deed
het
niet.
Elke
week
schreef
ik
opnieuw
in
mijn
agenda
Ring
Lie
met
een
aantal
uitroeptekens.
En
dan
deed
ik
het
weer
niet.
Het
waren
van
die
dingen
die
me
s
nachts
bezochten
als
je
niet
kan
slapen
je
denkt.
studiogast.
Na
die
ring
op.
En
als
ik
dan
de
volgende
dag
wakker
werd,
ging
ik
niet
naar
de
winkel
en
niet
naar
het
postkantoor.
En
dan
stuurde
ik
geen
overlopen
naar
de
groene
weg
in
Ruurlo.
Hij.
Ondertussen
nam
ons
eeuwigdurende
kosmische
spirituele
verbond
wel
serieus
ijs.
In
de
zoveel
tijd
belde
die
me
op.
En
dan
zei
hij
Baby,
iets
leren
checking
Apeliotes
Jadoulle
in.
En
dan
babbelden
we
wat.
En
dan
hing
ik
weer
op.
En
dan
dacht
ik
aan
ging
schrijven,
maar
ik
weet
dus
niet
waarom
ik
dat
niet
deed.
Wist
ik.
Weet
ik
eigenlijk
niet.
Misschien
was
het
een
soort
angst
om
te
intiem
te
worden
met
een
man
die
althans
in
mijn
ogen.
O
ja,
maar
dat
was
ik
nog
vergeten
zeggen.
Het
enige
wat
hij
niet
vertelde
was
dat
hij
homoseksueel
was.
Hij
was
unisex
noemen
die
zichzelf
en
ik
kreeg
heel
erg
sterk
de
indruk
dat
dat
dus
iets
te
maken
had
met
zo'n
zwaar
religieuze
opvoeding.
In
de
jaren
veertig
en
vijftig
in,
want
God,
in
Georgia,
in
de
jaren
veertig
en
vijftig.
Wie
had
het
niet
zo
op
homo's?
Om
het
heel
zacht
uit
te
drukken?
Volgens
mij
dat
hem
nog
altijd
dwars.
Nou
ja,
misschien
was
het
dus
de
angst
voor
teveel
soort
van
intimiteit
te
creëren
met
een
man
die
homoseksueel
was,
terwijl
ik
dat
niet
ben.
En
de
angst
om
een
soort
idee
bij
hem
te
creëren
dat
ik
iets
van
wilde.
Misschien
was
het
een
afkeer
van
vage
spiritualiteit.
En
misschien
was
het
ook
simpelweg
het
idee
dat
ik
mijn
verhaal
al
had
dat
het
t.
T.
Het
roofdier
achtige
aspect
dat
helaas
Shure
is
die
zo
vaak
kenmerkt.
Uhm.
Na
anderhalf
jaar
en
iets
van
zes
of
zeven
telefoongesprekken
waarin
we
praten
over
koetjes
en
kalfjes,
bracht
ik
een
boekje
uit
met
verzamelde
interviews
waar
het
stuk
over
Arthur,
Condi
Lee
ook
instond.
En
de
uitgeverij
organiseert
een
feestje
en
ik
belde
hem
op
om
te
vragen
of
ik
misschien
zin
had
om
te
komen
zingen
op
dat
feestje,
want
dat
zou
natuurlijk
wel
supercool
zijn.
Arthur
kon
vs.
Bijkomende
idee
was
dat
ik
dacht
dat
is
nu
echt
echt
echt
te
laat
om
die
ring
op
te
sturen.
Maar
als
ik
hem
tijdens
die
gelegenheid
kan
presenteren,
als
ik
er
een
ceremonieel
iets
van
kan
maken,
dan
weet
ik
het
misschien
allemaal
nog
net
recht
te
breien.
En
hij
huilbaby
oude
liefde
singletje,
wat
je
nou
heftig
bedoelde
toen
de
voor.
Als
op
tijd
beter
was,
beloofde
die,
dan
zou
ie
zeker
komen.
Maar
ik
hoorde
niks
meer
van
hem
en
ik
belde
andere
muzikanten
om
te
vragen
of
ze
konden
komen
zingen.
Ik
kreeg
feestje
en
ik
kreeg
een
paar
goeie
recensies
in
de
krant
en
ik
voelde
me
een
paar
dagen
enorm
de
gebraden
haan
in.
Ik
dacht
eerlijk
gezegd
niet
meer
aan
de.
Kon
Leo
Roberts
of
geen.
Nog
geen
drie
weken
later
was
ik
in
de
Volkskrant.
In
de
kantlijn
een
klein
berichtje.
Arthur
Conley
overleden
aan
darmkanker.
moet
dus
al
doodziek
zijn
geweest
op
het
moment
dat
ik
hem
belde,
maar
daar
liet
hij
niets
van
doorschijnen
en
ik
realiseerde
me
dat
ik
definitief
de
kans
verkeken
was
om
iets
recht
te
zetten
waar
ik
anderhalf
jaar
mee
rondliep
en
wat
eigenlijk
heel
makkelijk
was
geweest.
En
dat
mijn
verhaal
in
Vrij
Nederland
nu
echt
definitief
eindigde
met
een
leugen.
Ik
kan
niet
meer
tegen
hem
zeggen
dat
het
me
spijt,
maar
wel
tegen
jullie.
En
uhm,
zoals
ze
dan
in
die
zwarte
kerken
in
het
zuiden
van
Amerika
zeggen,
dat
de
boel
op
de
één
of
andere
manier
lichter
schijnt
te
maken.
Geen
witness.
Dat
was
het
verhaal
dat
Sander
Donkers
zeven
jaar
geleden
alweer
vertelde
bij
een
speciale,
echt
gebeurd
avond
die
we
toen
organiseerden
bij
het
weekblad
Vrij
Nederland,
waar
Sander
toen
nog
werkte.
Ik
kende
hem
eigenlijk
toen
nog
niet,
maar
inmiddels
zijn
we
collega's
geworden,
want
we
schrijven
afwisselend
een
column
op
de
voorpagina
van
de
Volkskrant.
Tijdens
de
eerste
lockdown
begon
hij
op
die
plek
een
mooie
serie
rondom
zijn
eigen
wijze.
Ietwat
excentriek,
maar
vooral
erg
lieve
oudtante
Jo.
En
een
paar
maanden
geleden
is
er
bij
uitgeverij
Lebowski
ook
een
boek
van
verschenen
en
dat
heet
Tante.
Schaf
dat
online
aan
bij
je
lokale
lievelingsboek
Handel.
De
redactie
van
Gebeurt
bestaat
uit
Micha
Wertheim,
Rosa
van
Toledo,
Maarten
Western
VN
en
mijzelf
Paulien
Cornelisse.
Onze
producer
is
verslaving.
deze
podcast
wordt
gemaakt
door
Gijsbert
van
der
Wal.
Volg
ons
op
het
Instagram,
Twitter
of
Facebook
en
abonneren
je
op
echt
gebeurd
in
je
podcast
app,
zodat
je
ook
volgende
week
weer
een
mooi
verhaal
te
horen
krijgt.
Dit
was
aflevering
292.
Bedankt
voor
het
luisteren.
En
als
je
deze
week
toevallig
twijfelt
aan
je
talenten,
bedenk
dan
een
linkerbeen
is
ook
niet
gek.
Check out more Echt Gebeurd

See below for the full transcript

Welkom bij aflevering 292 van. Echt Gebeurd. De podcast waarin waargebeurde verhalen worden verteld door de mensen die ze zelf hebben beleefd in deze aflevering. Een verhaal dat Sander Donkers zeven jaar geleden vertelde in Felix Meritis in Amsterdam. Tijdens een speciale, echt gebeurd avond met het thema onbeschreven blad. Dit is een verhaal over spijt, maar terecht kan komen moet ik eerst iets vertellen over religie en wat dat liedje voor mij betekent. Als ik iets had mogen kiezen in dit leven, dan was het een geweldige stem geweest. Zo'n diepe zwarte heise. Echte soulstem. Een stem waarmee je mensen aan het dansen kan krijgen om van te huilen of geil kan maken. Alleen maar omdat je gewoon je mond opentrekt. Dat lijkt me altijd fantastisch, maar het is iets wat je jezelf niet aan kunt leren. Het helpt misschien als je oefent, liefst in een kerkkoor. Maar uiteindelijk is het een gift. En een gif, dat lijkt me ook wel wat voor mij, want dan hoeft ik tenminste niet zo hard voor te werken en dan krijg ik toch heel veel geld en zou iedereen ontzettend veel van me houden. Dus echt serieus, ben nu 46. Maar als je het me nu zou vragen of ik m'n linkerbeen zou willen ruilen voor zo'n alles overrompelende stem, dan zou ik het serieus even overwegen en daarna waarschijnlijk verwerpen. Want een linkerbeen. Dat is ook niet mis natuurlijk. Toen ik twintig jaar geleden in de journalistiek terechtkwam na een wat moeizame carrière als popmuzikant. Had ik meteen een soort geheime agenda om zoveel mogelijk van dat soort zangers en zangeressen te ontmoeten om ze te interviewen natuurlijk, maar eigenlijk stiekem vooral om gewoon een beetje tegen ze aan te kunnen schurken. En als ik het heb over dat soort zangers voor mij specifiek gaat het dan om zwarte zangers uit de jaren zestig en dan ook nog uit het zuiden van Amerika. Dus meer Stax, het land, ik chelles en niet. Wat een beetje specifiek. Het is eigenlijk vrij aardig gelukt. Ik heb Solomon Burke ontmoet Al Green urma mij veestapels. Betty Levet, Wilson Pickett, en nog een aantal die ik nu vergeten. Sommige van die mensen waren fantastische warme persoonlijkheden, anderen zoals Wilson. Whizzkid Pickett waren eigenlijk ontzettende eikels, maar daar ging het niet om. Het ging om die kafjes op de kolf van mijn pistool het binnenhalen van zoveel mogelijk contact met mensen die ik bewonderde. In de herfst van 2001 hoorde ik dat Arthur Conley, iemand die ook op dat denkbeeldige lijstje stond, in Nederland woonde. Of oplages in het dorpje Ruurlo in de Achterhoek. Misschien dat voor een aantal van jullie de naam Condi niet echt meteen een belletje doet rinkelen. Maar ik weet vrij zeker dat het liedje waarmee hij in 1966 wereldberoemd werd dat wel doet. En aangezien het me niet toegestaan is om een cassetterecorder te gebruiken bij deze, zal ik het helaas moeten zingen. Reeds muziek. Het gaat om ongeveer zo beginnen met blazers. Na de tête à tête. Tin, tin, tin tin tin tin. Do you like? music. Je. Zo emusic je je lang en zet je dingen in je en je o je ogen. Hoe je een aanvaller die blaast over je heen en het voortaan als. Ja, schrijf me in! Euh, euh, ik achterhaalden telefoonnummer. Ik belde hem op en ik had binnen een seconde door dat Koningin totaal ander type was als al die andere soulzangeres die ik daarvoor had ontmoet. Dat waren Matthias Sterre, Large en achtige types. En Arthur was lief, breekbaar, zacht en een beetje een rare. Want ik moest bijvoorbeeld onze eerste afspraak afzeggen omdat ik ziek was. En dat was een beetje lullig, want het was op de dag zelf dus veel te laat. En zo. Maar hij zei Uh oh baby. Dat was. We zitten toch al samen op dat pad en we gaan al ergens heen en geeft helemaal niet, zo zei hij. meteen in op een soort spiritueel verbond. Iets dat in de sterren stond geschreven tussen ons en ik dacht euh. Mooi voor het verhaal. En het werd nog veel mooier toen ik uiteindelijk wel bij hem terechtkwam. Arthur Conley, die zich inmiddels Lee Roberts noemde, woonde aan de Groenlose Weg in Ruurlo. Samen met een tapijt knopen die Jos en werd moeder van Jos. Maar die heb ik allebei niet ontmoet, dus ik kan dat niet echt bewijzen. Hij had een zolderkamertje dat volkomen afgeladen was met spirituele parafernalia, met tarotkaarten en boeken over astrologie en numerologie en steentjes die allemaal een speciale betekenis had. Hij had twee die de hele dag onophoudelijk kwetteren heetten Singer en Singer. En als je uit het raam keek, dan stond daar de hele dag in de stromende regen een onbeweeglijke. Daar had Arthur Conley verder niets mee te maken, maar dat vond ik gewoon een heel erg mooi detail. Voordat we aan het gesprek begonnen, wilde hij een soort ritueel met mij uitvoeren. Hij haalde een ring uit een potje en schoof die soort plechtig aan mijn vinger, haalde hem daarna weer af en liet mij beloven dat als ik weer terug zou zijn in Amsterdam, dat ik hem dan van mijzelf een ring naar hem op zou sturen. En dan zouden we, zei hij, voor eeuwig en met elkaar verbonden zijn als en als een soort beschermer engelen voor elkaar zorgen. In deze nare boze wereld. En ik dacht mooi voor het verhaal, maar schiet ook een beetje op, want ik moet ook nog met tekst naar huis. is het kerstverhaal. Vierduizend woorden. Dat kwam overigens helemaal goed. Lee Roberts was een goudmijn voor een muziekjournalist. Hij vertelde zonder enige en eigenlijk ook zonder dat ik enige vragen hoefde te stellen. De meest prachtige anekdotes waarin al mijn helden figureerde. Uhm. Hij vertelde hoe die als kind nou ja, en waar ook hele tragische verhalen. Trouwens hoe hij als kind was weggehaald door zijn oma bij zijn moeder, tegen zijn zin. Hoe die oma hem op jonge leeftijd in een kerkkoor had geduwd en hoe je je dan, als ie gezongen had over zijn bolletje genaaid werd door allerlei kerkgangers die hij helemaal niet kende, terwijl ie permanent naar de punten van zijn schoenen stond te staren. Hij vertelde hoe die Sam Koeck zijn grote idool had ontmoet. Of eigenlijk overvallen. Want die man stond met zijn rug naar me toe in een kleedkamer en hij rende erop af en omarmde en nam opeens van achteren, terwijl je hem nog nooit ontmoet had. Hij vertelde hoe die door auto's Rading was ontdekt, met wie die uiteindelijk dus dat liedje zoiets soulmuziek had geschreven. En hoe dat liet pardoes de allergrootste hit werd die de zuidelijke tot dan toe en misschien wel ooit had gekend. En dat was eigenlijk uiteindelijk meer een vloek dan een zegen, zei hij. Want. Al zijn collega's haten hem erom, want ze waren zo jaloers en hij moest dus de jaren daarna permanent op tournee met allemaal mannen die hem voortdurend treiteren en sarren. Maar was Don, Covee, Sam en Dave en diezelfde Wilson Pickett die volgens mij de van allemaal is ook mannen die totaal niks snapte van zo'n ontzettend zachte vrouwelijke man als Arthur kon leren. Het ging allemaal nog wel redelijk goed zolang redding en beschermd. Maar toen die in 1967 dood ging bij een vliegtuigongeluk en kon zich tijdens de begrafenis hysterisch snikkend op de kist had geworpen, werd het treiteren en sarren alleen nog maar erger. En op een gegeven dag platencontract of niet pakte hij het vliegtuig naar Europa. Eerst naar Engeland, daarna naar België en Nederland. Hij is nooit meer terug geweest in Amerika. Hij nam een andere naam aan en hij voelde zich voor het eerst van zijn leven helemaal vrij. Dat vertellen die allemaal. En toen ik vijf, zes uur later uitgeput in de auto stapte, terug terrein naar Amsterdam, beloofde ik hem nogmaals dat ik die ring op zou sturen. En ik schreef dat ook op als laatste zin in het verhaal dat ik in de dagen daarna over hem schreef. Met als gedachten in mijn achterhoofd tussen het inleveren van het verhaal en het moment dat het in de winkel ligt, is er nog genoeg tijd om dat alsnog te doen. Maar ik deed het niet. Elke week schreef ik opnieuw in mijn agenda Ring Lie met een aantal uitroeptekens. En dan deed ik het weer niet. Het waren van die dingen die me s nachts bezochten als je niet kan slapen je denkt. studiogast. Na die ring op. En als ik dan de volgende dag wakker werd, ging ik niet naar de winkel en niet naar het postkantoor. En dan stuurde ik geen overlopen naar de groene weg in Ruurlo. Hij. Ondertussen nam ons eeuwigdurende kosmische spirituele verbond wel serieus ijs. In de zoveel tijd belde die me op. En dan zei hij Baby, iets leren checking Apeliotes Jadoulle in. En dan babbelden we wat. En dan hing ik weer op. En dan dacht ik aan ging schrijven, maar ik weet dus niet waarom ik dat niet deed. Wist ik. Weet ik eigenlijk niet. Misschien was het een soort angst om te intiem te worden met een man die althans in mijn ogen. O ja, maar dat was ik nog vergeten zeggen. Het enige wat hij niet vertelde was dat hij homoseksueel was. Hij was unisex noemen die zichzelf en ik kreeg heel erg sterk de indruk dat dat dus iets te maken had met zo'n zwaar religieuze opvoeding. In de jaren veertig en vijftig in, want God, in Georgia, in de jaren veertig en vijftig. Wie had het niet zo op homo's? Om het heel zacht uit te drukken? Volgens mij dat hem nog altijd dwars. Nou ja, misschien was het dus de angst voor teveel soort van intimiteit te creëren met een man die homoseksueel was, terwijl ik dat niet ben. En de angst om een soort idee bij hem te creëren dat ik iets van wilde. Misschien was het een afkeer van vage spiritualiteit. En misschien was het ook simpelweg het idee dat ik mijn verhaal al had dat het t. T. Het roofdier achtige aspect dat helaas Shure is die zo vaak kenmerkt. Uhm. Na anderhalf jaar en iets van zes of zeven telefoongesprekken waarin we praten over koetjes en kalfjes, bracht ik een boekje uit met verzamelde interviews waar het stuk over Arthur, Condi Lee ook instond. En de uitgeverij organiseert een feestje en ik belde hem op om te vragen of ik misschien zin had om te komen zingen op dat feestje, want dat zou natuurlijk wel supercool zijn. Arthur kon vs. Bijkomende idee was dat ik dacht dat is nu echt echt echt te laat om die ring op te sturen. Maar als ik hem tijdens die gelegenheid kan presenteren, als ik er een ceremonieel iets van kan maken, dan weet ik het misschien allemaal nog net recht te breien. En hij huilbaby oude liefde singletje, wat je nou heftig bedoelde toen de voor. Als op tijd beter was, beloofde die, dan zou ie zeker komen. Maar ik hoorde niks meer van hem en ik belde andere muzikanten om te vragen of ze konden komen zingen. Ik kreeg feestje en ik kreeg een paar goeie recensies in de krant en ik voelde me een paar dagen enorm de gebraden haan in. Ik dacht eerlijk gezegd niet meer aan de. Kon Leo Roberts of geen. Nog geen drie weken later was ik in de Volkskrant. In de kantlijn een klein berichtje. Arthur Conley overleden aan darmkanker. moet dus al doodziek zijn geweest op het moment dat ik hem belde, maar daar liet hij niets van doorschijnen en ik realiseerde me dat ik definitief de kans verkeken was om iets recht te zetten waar ik anderhalf jaar mee rondliep en wat eigenlijk heel makkelijk was geweest. En dat mijn verhaal in Vrij Nederland nu echt definitief eindigde met een leugen. Ik kan niet meer tegen hem zeggen dat het me spijt, maar wel tegen jullie. En uhm, zoals ze dan in die zwarte kerken in het zuiden van Amerika zeggen, dat de boel op de één of andere manier lichter schijnt te maken. Geen witness. Dat was het verhaal dat Sander Donkers zeven jaar geleden alweer vertelde bij een speciale, echt gebeurd avond die we toen organiseerden bij het weekblad Vrij Nederland, waar Sander toen nog werkte. Ik kende hem eigenlijk toen nog niet, maar inmiddels zijn we collega's geworden, want we schrijven afwisselend een column op de voorpagina van de Volkskrant. Tijdens de eerste lockdown begon hij op die plek een mooie serie rondom zijn eigen wijze. Ietwat excentriek, maar vooral erg lieve oudtante Jo. En een paar maanden geleden is er bij uitgeverij Lebowski ook een boek van verschenen en dat heet Tante. Schaf dat online aan bij je lokale lievelingsboek Handel. De redactie van Gebeurt bestaat uit Micha Wertheim, Rosa van Toledo, Maarten Western VN en mijzelf Paulien Cornelisse. Onze producer is verslaving. deze podcast wordt gemaakt door Gijsbert van der Wal. Volg ons op het Instagram, Twitter of Facebook en abonneren je op echt gebeurd in je podcast app, zodat je ook volgende week weer een mooi verhaal te horen krijgt. Dit was aflevering 292. Bedankt voor het luisteren. En als je deze week toevallig twijfelt aan je talenten, bedenk dan een linkerbeen is ook niet gek.

Translation Word Bank
AdBlock detected!

Your Add Blocker will interfere with the Google Translator. Please disable it for a better experience.

dismiss